NL-SfB bestaat uit vijf tabellen

Als wij het in Nederland over de NL-SfB-classificatie hebben, dan bedoelt minstens 95 procent van de mensen uit de bouwsector alleen tabel-1 van de NL-SfB. De classificatie kent van oorsprong vijf tabellen:

  • Tabel 0 – Ruimtelijke voorzieningen;
  • Tabel 1 – Functionele gebouwelementen;
  • Tabel 2 – Constructiemethoden;
  • Tabel 3 – Constructiemiddelen;
  • Tabel 4 – Activiteiten, kenmerken en eigenschappen.

Tabel 1 meest gebruikt

In de praktijk gebruikt de bouw- en installatiesector tegenwoordig dus vrijwel alleen Tabel 1 ‘Functionele gebouwelementen’.

Ketenstandaard is voorstander van een uitgebreider gebruik. Via overleg met Buildwise, het Belgische innovatiecentrum voor de bouw en digiGO wordt samen onderzocht hoe we informatie uit de overige SfB-tabellen kunnen laten terugkomen in – of kunnen stroomlijnen met – diverse gestandaardiseerde afspraken.

Maar waar dienen die andere tabellen eigenlijk voor? Wat was ooit het doel van tabel 0, 2 3 en 4? Mark Maas, voorzitter van de NL-SfB expertcommissie, zet het voor u uiteen.